|

Populaire Kunst

Toch is de Braziliaanse cultuur
veel meer dan zomaar de som van de 3 oorspronkelijke culturele bijdragen
(Europese blanken, Afrikaanse zwarten en autochtone indianen). Al bij de
eerste contacten begonnen de verschillende rassen (onbewust) op elkaar in
te werken en zich te vermengen, waardoor hybride combinaties het licht
zagen die uiteindelijk leiden tot het typische Braziliaanse beeld van
overweldigende diversiteit. De verschillende lijnen van de oorspronkelijke
culturen zijn nu in Brazilië grotendeejl uitgevlakt, en de Braziliaanse
populaire kunst behoort tot de meest creatieve en rijkste van het
zuidelijk halfrond.

Keramiek
De drukst bezochte kraampjes op
de markten in het Noordoosten van Brazilië zijn die van de pottenbakkers
en de verkopers van keramiek. Vaak zijn de ontwerpen zo verfijnd dat men
best nog van een uitbeeldende artistieke virtuositeit spreekt. Sommige
van de plaatselijke ambachtslui/kunstenaars zijn niet alleen bekend binnen
het milieu van de Braziliaanse populaire kunst, maar ook ver daarbuiten.
Bekende namen zijn Severino, Mestre Vitalino ‑ misschien wel de beroemdste
van de pottenbakkers ‑ en Zé Caboclo, allemaal uit Caruaru, het artistieke
centrum voor deze volkse kunstbeoefening. Caruaru ligt in het ruwe
binnenland van de deelstaat Pernambuco, op zo’n twee uur rijden van de
hoofdstad Recife. De keramische producten die er wekelijks op de markt
werden aangeboden kunnen rekenen op massale belangstelling en stellen
vanalles voor: alledaagse taferelen (de sertão‑bevolking), figuren uit de
folkloretraditie (Lampião en de cangaçeiros)
en religieuze personages, naast een keur van dieren (bijvoorbeeld
Bumba‑meu‑Boi).
De voornoemde
aardewerkproductie bouwt in feite voort op de indiaanse traditie die al
bestond in het Amazonegebied lang voordat de Portugezen in de 16de eeuw
tot het gebied zouden doordringen. Daarvan zijn er overigens een aantal
archeologische overblijfselen bewaard en teruggevonden: op het grote
eiland Marajó (in de monding van de Amazonerivier) werden vazen
vervaardigd die later opgesmukt werden met labyrintmotieven; de laatste
van de 5 archeologische perioden op het eiland, de Marajoara, is veruit de
bekendste. Ook in de streek rond Santarém maakten de Amazone‑indianen
vazen en asurnen (igaçabas)
die ze met een verbazende keur aan diersoorten versierden ‑ de fauna van
het regenwoud ging op dit aardewerk bijna een eigen leven leiden. Verder
produceerden ook de culturen van Cunani en Maracá opmerkelijk aardewerk.

Volkstheater
Naast de al vermelde volksdansen bestaan er in Brazilië ook talrijke ‑
bijzonder populaire ‑ gedanste ensceneringen die vaak ver teruggaan in de
tijd. Deze verschillende dansdrama's waren oorspronkelijk van Portugese
origine, maar werden in Brazilië gedurende lange tijd 'gekneed' door de
diverse vreemde invloeden (Afrikanen, Indianen). Mário de Andrade, de
beroemde modernist en folkloreliefhebber, heeft de dansdrama's in vier
categorieën ingedeeld: reisados, cheganças, pastoris en ranchos.
Van de reisados (in totaal zo'n 24) is het Bumbameu‑Boi ongetwijfeld het
meest populaire, (bijvoorbeeld in de deelstaat Maranháo in het noorden):
het vertelt het verhaal van de tegenslagen van een bekroonde stier
waarnaar de fokker moeizaam heeft gezocht. De enscenering van het
verhaal gaat gepaard met uitbundige kostumering en een (nagemaakte)
stier. Een checança
(aankomst) vertelt de ontscheping van de Moren, hun nederlaag en hun
bekering tot het christendom. Pastoris (herders) worden in de kerstijd
opgevoerd en waren oorspronkelijk toneelstukjes die in de kerk bij de
kersttijd werden opgevoerd in afwachting van de nachtmis. Vandaag de dag
is die geestelijke invloed echter volledig verdwenen: grappenmakers
paraderen door de straten in parallelle rijen (blauw en rood), en in elke
rij vindt men dezelfde personages ‑ de leraar, de engel Diana, de
zigeuner, de oude, man, de Poolster en het Zuiderkruis. De, herderinnetjes
zingen, begeleid door tamboerijn, gitaar en blaasinstrumenten. De ranchos
tenslotte vertonen een sterke gelijkenis met wat nu carnaval genoemd
wordt; het waren aanvankelijk plechtige romantische liefdesverhalen die op
marstempo werden opgevoerd. Elk jaar worden er nieuwe ranchos
bijgeschreven; ze werden dan opgevoerd door groepen dansers die de
verschillende wijken van Rio de Janeiro representeerden. Er was een hoge
competitiviteit tussen de verschillende dansgroepen en er werden na afloop
prijzen uitgereikt. In zekere zin zijn de ranchos dus de voorlopers van de
huidige sambascholen, die jaarlijks tijdens het carnaval in Rio de Janeiro
dingen naar de hoofdprijs.

|